Direct naar inhoud

Founding-partnerprogramma — drie plekken, 36 maanden een vaste prijs, meebeslissen over de roadmap.

Wat u krijgt →
Curanta
Kennisbank · Arbeidsmarkt + welzijn · · bijgewerkt op · ~8 minuten

Peer-support voor zorgmedewerkers: wat het onderzoek zegt, en wat niet.

Collegiale steun, of peer-support, krijgt aandacht als manier om zorgmedewerkers te behouden. Het idee is eenvoudig: een collega die hetzelfde werk doet, begrijpt wat je meemaakt. Maar wat weten we over het effect? En waar moet een werkgever op letten als het gaat om het welzijn en de gezondheid van medewerkers? Dit artikel zet de cijfers, het onderzoek en de regels naast elkaar.

De arbeidsmarkt in cijfers

Het onderzoeksprogramma Arbeidsmarkt Zorg en Welzijn (AZW) publiceerde in 2026 nieuwe prognoses van ABF Research voor 2025–2035. In het Scenario Beleid, dat maatregelen uit verschillende akkoorden meeneemt:

  • Tekort zorg en welzijn (breed): 89.800 in 2026, 127.100 in 2030 en 261.800 in 2035.
  • Tekort verpleging, verzorging en thuiszorg: oplopend tot 126.800 medewerkers in 2035.
  • Tekort gehandicaptenzorg: 8.700 in 2026, 20.300 in 2035.
  • Uitstroom: voor 2026 verwacht AZW in zorg en welzijn een uitstroom van 265.400 personen, tegenover een instroom van 281.300.

Het ziekteverzuim ligt in de VVT hoger dan in zorg en welzijn als geheel. In het vierde kwartaal van 2025 was het verzuim in verpleging en verzorging 9,5% en in de thuiszorg 9,4%, tegenover 7,9% in zorg en welzijn als geheel (inclusief kinderopvang). Dat zijn voorlopige cijfers van het CBS, gepubliceerd door AZW in maart 2026.

Bij een tekort telt elke medewerker die blijft. Of peer-support daaraan bijdraagt, is de vraag van dit artikel.

Wat het onderzoek laat zien

  • RISE (Johns Hopkins Hospital, Verenigde Staten). Het programma Resilience In Stressful Events bestaat sinds 2011. Getrainde collega's, vrijwilligers, vangen zorgverleners op na een schokkende gebeurtenis in het werk (de zogeheten „second victim”). Een onderzoek uit 2021 onder 27 van die vrijwilligers vond een jaarlijks verloop van 12% onder de vrijwilligers zelf. Alle 27 vonden het werk betekenisvol; 28% meldde enige burn-out door hun RISE-taken. Dat onderzoek gaat over het behoud van de vrijwilligers, niet over het behoud van personeel in het ziekenhuis.
  • Opvang na incidenten: een systematische review (2021). Busch en anderen bekeken 16 studies over 12 opvangprogramma's, ingevoerd tussen 2006 en 2017. Voorlopige gegevens wezen op gunstige effecten, voor de getroffen medewerkers en voor de collega's die opvangen. Als obstakels bij de invoering noemen de onderzoekers een aanhoudende schuldcultuur, beperkte bekendheid van het programma en gebrek aan geld.
  • Startende verpleegkundigen: een systematische review (2025). Raqueno en anderen vonden negen studies over peer-support tussen pas afgestudeerde verpleegkundigen. Drie thema's: steun aan elkaar in online ruimtes tegen stress en isolement, samen optrekken in de praktijk, en in tweetallen zelfvertrouwen opbouwen. Zij concluderen dat gestructureerde peer-support in inwerkprogramma's veerkracht en behoud mogelijk verbetert.
  • Internationaal geworven verpleegkundigen in Engeland (2023). In een enquête onder 655 van hen gaven de deelnemers aan dat ze zich goed ondersteund voelden bij hun aanvraag en aankomst. Bij het inwerken op de werkvloer wisselde de steun, met gevolgen voor hun mentale welzijn.
  • Cochrane-review (2020). Voor maatregelen die de veerkracht en mentale gezondheid van zorgmedewerkers tijdens en na epidemieën moeten ondersteunen, vonden Pollock en anderen te weinig bewijs om er een keuze op te baseren.

Samengevat: peer-support wordt gewaardeerd, door wie steun krijgt en door wie steun geeft. Hard bewijs dat het de uitstroom van personeel verlaagt, vonden wij niet. Wie het invoert, doet dat voor welzijn en verbinding, en meet zelf wat het oplevert.

In Nederland

  • Arbowet. Volgens artikel 3 lid 2 van de Arbeidsomstandighedenwet voert de werkgever „een beleid gericht op voorkoming en indien dat niet mogelijk is beperking van psychosociale arbeidsbelasting”. De wet rekent daar in ieder geval agressie of geweld, direct of indirect onderscheid, pesten, seksuele intimidatie en werkdruk toe (artikel 1).
  • Richtlijn. In april 2025 verscheen een landelijke richtlijn voor psychosociale ondersteuning in hoog-risicoberoepen, voor professionals die in hun werk vaak met ingrijpende gebeurtenissen te maken krijgen. V&VN Ambulancezorg werkte eraan mee.

Privacy: waar uw FG op let

  • Gezondheidsgegevens. Een aanmelding voor steun bij burn-out of rouw kan iets zeggen over iemands gezondheid. Gegevens over gezondheid zijn bijzondere persoonsgegevens; verwerking is verboden, tenzij een van de uitzonderingen van artikel 9 lid 2 AVG geldt, zoals uitdrukkelijke toestemming.
  • Toestemming in een arbeidsrelatie. Volgens overweging 43 van de AVG mag toestemming in een specifiek geval geen geldige grondslag zijn als er „een duidelijke wanverhouding” is tussen betrokkene en verwerkingsverantwoordelijke, en het daardoor onwaarschijnlijk is dat de toestemming vrij is gegeven. Of toestemming van een medewerker aan zijn werkgever vrij is, is dus een reële vraag. Dat pleit voor een opzet waarin de werkgever niet ziet wie meedoet.
  • DPIA. Bij een verwerking die waarschijnlijk een hoog risico inhoudt, voert de organisatie vooraf een gegevensbeschermingseffectbeoordeling uit (artikel 35 lid 1 AVG). Heeft zij een functionaris voor gegevensbescherming, dan vraagt zij daarbij diens advies (lid 2). De lijst van de Autoriteit Persoonsgegevens met verwerkingen waarvoor een DPIA verplicht is, noemt onder meer grootschalige verwerkingen van gegevens over gezondheid. Of uw opzet daaronder valt, beoordeelt u met uw FG.

Wat peer-support werkbaar maakt

Uit de obstakels die het onderzoek noemt en uit de privacyregels hierboven volgen vier ontwerpkeuzes:

  • Scheiding van HR, in de techniek en niet alleen in beleid. Leidinggevenden en HR kunnen niet zien wie zich aanmeldt of waarover.
  • Eerst weinig prijsgeven. Een collega ziet eerst alleen een roepnaam en het thema, en pas na wederzijdse instemming meer.
  • Geen hulpverlening beloven. Peer-support is geen therapie en geen crisisdienst. Wie acuut hulp nodig heeft, verwijst u naar de huisarts of naar 113 Zelfmoordpreventie (gratis en anoniem bellen of chatten via 113.nl), en naar de vertrouwenspersoon van de organisatie.
  • Bekendheid en gebruik apart meten. Beperkte bekendheid is een van de genoemde obstakels. Meet dus hoeveel medewerkers van het aanbod weten, en hoeveel er echt gebruik van maken.

Vragen voor uw HR-leiding en uw FG

  1. Wat doen wij nu structureel om collega's met elkaar te verbinden, naast teamuitjes en incidentele intervisie? Wie betaalt het en wie meet het effect?
  2. Kunnen onze systemen welzijnsgegevens verwerken zonder dat leidinggevenden of HR ze zien? Of is „geen inzage voor leidinggevenden” alleen een afspraak?
  3. Hoeveel medewerkers hebben het afgelopen kwartaal echt gebruikgemaakt van collegiale steun of van de vertrouwenspersoon?

Curanta

Curanta heeft een functie voor lotgenotencontact tussen medewerkers gebouwd. Die staat standaard uit en gaat pas aan als de zorgorganisatie haar eigen DPIA heeft afgerond.


Bronnen

Alle bronnen geraadpleegd op 25 september 2026 en opnieuw nagelopen op 27 september 2026.

  • AZW / ABF Research, prognose arbeidsmarkt zorg en welzijn 2025–2035, Scenario Beleid (2026) — zorg en welzijn (pdf), verpleging, verzorging en thuiszorg, gehandicaptenzorg
  • AZW, verzuimcijfers per branche (bron CBS, AZW StatLine), maart 2026; cijfers over 2025 voorlopig — verpleging en verzorging, thuiszorg, zorg en welzijn
  • Connors e.a., „RISE: Exploring Volunteer Retention and Sustainability of a Second Victim Support Program”, J Healthc Manag 2021 — PubMed 33411482
  • Busch e.a., „Promoting the Psychological Well-Being of Healthcare Providers Facing the Burden of Adverse Events: A Systematic Review of Second Victim Support Resources”, Int J Environ Res Public Health 2021 — PubMed 34064913
  • Raqueno e.a., „Peer support strategies for newly qualified nurses: A systematic review”, Int J Nurs Stud 2025 — PubMed 40623852
  • Pressley e.a., „Internationally recruited nurses and their initial integration into the healthcare workforce: A mixed methods study”, Int J Nurs Stud Adv 2023 — PubMed 38746581
  • Pollock e.a., Cochrane Database Syst Rev 2020, CD013779 — PubMed 33150970
  • Arbeidsomstandighedenwet, art. 1 en art. 3 lid 2; versie geldend vanaf 1 juli 2026 — wetten.overheid.nl
  • V&VN Ambulancezorg, „Landelijke richtlijn psychosociale ondersteuning voor hoog-risicoberoepen beschikbaar”, 28 april 2025 — venvn.nl
  • Verordening (EU) 2016/679 (AVG), art. 9, art. 35 en overweging 43 — eur-lex.europa.eu
  • Autoriteit Persoonsgegevens, Besluit inzake lijst van verwerkingen van persoonsgegevens waarvoor een DPIA verplicht is, Staatscourant 2019, 64418 — officielebekendmakingen.nl
  • 113 Zelfmoordpreventie — 113.nl
  • Lotgenotenfunctie van Curanta: stand 25 september 2026

Revisie

Bijgewerkt op 25 september 2026. De vorige versie schreef RISE toe aan de NHS en noemde er een effect op de uitstroom bij; RISE is een programma van Johns Hopkins, en dat effect vonden wij in geen enkele bron. Ook de verzuim-, burn-out- en werkdrukcijfers, het tekort van 126.800 fte „in 2030” (dat getal geldt voor de VVT in 2035), de uitspraak dat geen enkele Nederlandse werkgever peer-support aanbiedt, en cijfers toegeschreven aan NHS Employers, NHS Providers, AHRQ en Incredible Health konden wij niet onderbouwen. Die zijn vervangen of weggelaten.

Bijgewerkt op 27 september 2026. Overweging 43 van de AVG staat er nu met de voorwaarde die erbij hoort (dat vrije toestemming door de wanverhouding onwaarschijnlijk is), en het advies van de FG bij een DPIA geldt als de organisatie een FG heeft (art. 35 lid 2 AVG).

Ziet u een fout of mist u een bron? Mail info@curanta.nl; wij reageren binnen 1 werkdag en zetten een correctie met datum onder dit artikel.

Vragen over dit artikel?

Stel ze ons gerust, ook als FG of HR-leiding. Wilt u zelf rondkijken: in de demo werkt u met verzonnen gegevens.